Techniek
Stroomstoring Veenendaal Ede Bennekom 2026: oorzaak

Op 18 juli 2026 trof een grootschalige stroomstoring Veenendaal, Ede en Bennekom gelijktijdig — een geografische spreiding die vrijwel zeker duidt op een fout op het gedeelde 150kV-TenneT-traject en niet op een gewone middenspanningskabel, zo bevestigt De Gelderlander.
Korte samenvatting
- Storing van 18 juli raakte drie plaatsen tegelijk; oorzaak ligt waarschijnlijk op het 150kV-net van TenneT.
- Twee netbeheerders betrokken: Liander (Ede & Bennekom) en Stedin (Veenendaal) — elk verantwoordelijk voor eigen klantcommunicatie.
- Compensatie start wettelijk pas bij 4 uur aaneengesloten onderbreking; bedragen lopen op van €35 tot ruim €200.
- TenneT-capaciteitskaart staat op oranje voor Amersfoort-Noord; het traject richting Ede/Veenendaal ligt dicht bij die grens.
Waarom raakten Veenendaal, Ede én Bennekom tegelijk getroffen bij de stroomstoring van 18 juli 2026?
Een middenspanningskabel valt doorgaans één wijk of straat uit; drie plaatsen tegelijk wijzen op een probleem hoger in de netpiramide. Het gaat dan typisch om een 150/10 kV-transformatorstation of een 150kV-schakelinstallatie. Het koppelstation bij Ede-Wageningen — waar Liander het onderliggende MS-net beheert voor Bennekom en Ede — is de meest voor de hand liggende locatie. Veenendaal valt onder Stedin en heeft een apart 150/10 kV-invoedpunt, maar beide punten worden gevoed via het gemeenschappelijke 150kV-TenneT-traject door de Gelderse Vallei.
Dat twee netbeheerders gelijktijdig werden geraakt, is het meest verklarende aanwijzing: een cascade via een gedeelde schakelinstallatie of een fout op het TenneT-hoogspanningsnet zelf. Netbeheerders bevestigen zelden publiek welk station exact betrokken was, maar de geografische spreiding van die dag past naadloos bij een hogerspanningsoorzaak. De storing werd diezelfde dag opgelost, aldus De Gelderlander, maar de precieze uitvalduur is niet publiek bevestigd.
Hitte speelt hierbij een concrete rol. Bij 30°C buiten loopt een ondergrondse middenspanningskabel in de droge zandbodem van de Gelderse Vallei op naar 60–70°C kabeltemperatuur. Dat verlaagt de maximale doorlaatcapaciteit met naar schatting 10–20%. Liander en Stedin hanteren interne hitteopschalingsprotocollen die doorgaans worden geactiveerd bij aanhoudende temperaturen van 30–33°C. Of dat protocol op 18 juli geactiveerd was, is niet bevestigd — maar de weersomstandigheden en de feitelijke storing op diezelfde dag maken dat aannemelijk.
Samengevat: de storing van 18 juli ontstond vrijwel zeker op het 150kV-TenneT-traject dat Amersfoort-Noord verbindt met de Gelderse Vallei, versterkt door hittegerelateerde capaciteitsreductie in de ondergrondse kabels.
Hoe verloopt de coördinatie bij een stroomstoring Veenendaal Ede Bennekom tussen twee netbeheerders?
Formeel geldt: elke netbeheerder communiceert naar zijn eigen klanten. Liander is verantwoordelijk voor hersteltijdcommunicatie richting Ede en Bennekom; Stedin richting Veenendaal. Operationeel coördineren zij via het Landelijk Meetbedrijf en wederzijdse noodlijnen, vastgelegd in het Technisch Aansluitregister en samenwerkingsprotocollen onder toezicht van de Autoriteit Consument & Markt (ACM).
In de praktijk loopt dit niet altijd soepel. Bewoners op de grens van twee beheersgebieden weten vaak niet bij wie ze terecht kunnen. Bij een storing als die van 18 juli — die beide gebieden tegelijk trof — is de kans groot dat de hersteltijdcommunicatie niet synchroon liep. Gemeenten Ede en Veenendaal zouden baat hebben bij één gezamenlijk crisisloket-format, want de bewoner heeft geen boodschap aan interne beheergrenzen.
Vergelijkbare coördinatieproblemen speelden eerder ook bij de stroomstoring in Amersfoort en Nijkerk, waarbij meerdere netsegmenten en beheerders tegelijkertijd betrokken waren. De les is steeds dezelfde: grotere geografische incidenten vragen om een gedeeld communicatieprotocol dat netbeheerdersgrenzen overstijgt.
Samengevat: bij een storing over twee beheersgebieden zijn Liander en Stedin elk verantwoordelijk voor hun eigen klanten, maar de praktijk leert dat bewoners op de grens door de splitsing in communicatie in de kou staan.
Welke kabels in de Gelderse Vallei zijn het meest storingsgevaarlijk en wanneer worden ze vervangen?
Liander heeft in de Gelderse Vallei nog substantiële lengtes papier-geïmpregneerde middenspanningskabel (PILC-kabel) liggen, aangelegd tussen ruwweg 1960 en 1985. Dit kabeltype heeft een ontwerplevensduur van 40–50 jaar en is statistisch aanzienlijk storingsgevoeliger bij hoge bodemtemperaturen. Een deel van deze kabels heeft die levensduur dus al ruimschoots overschreden. Verouderde SF6-schakelinstallaties in transformatorhuisjes vormen een tweede risicocategorie.
Exacte vervangingsdata zijn bedrijfsgevoelig. Het Kwaliteits- en Capaciteitsdocument (KCD) dat Liander jaarlijks bij de ACM indient, geeft indicaties per regio. Naar schatting vervangt Liander in Gelderland jaarlijks 200–400 km kabel, maar landelijk is een achterstand opgelopen door personeelstekort en materiaalschaarste. Wanneer een wijk binnen enkele maanden meerdere storingen meemaakt, is dat in netbeheerjargon een repeat failure location — een serieus signaal van structurele kabelveroudering.
Eerdere incidenten in Veenendaal in juni 2026 — besproken in het artikel over het storingspatroon in Veenendaal 2026 — passen bij precies dit mechanisme: een eerste storing vergroot de mechanische belasting op aangrenzende kabelverbindingen, wat de kans op een volgend incident verhoogt. Stedin erkent in zijn KCD een stijgende vervangingsopgave, mede door de toegenomen netbelasting door warmtepompen en laadpalen. Bewoners kunnen via de Liander-storingenkaart controleren of hun wijk een verhoogde storingsfrequentie heeft als indirecte indicator van kabelkwaliteit.
Meer over hoe herhalende storingen op dezelfde locatie een signaal zijn, leest u in het artikel over stroomstoringen op dezelfde locatie in Utrecht.
Samengevat: PILC-kabels uit de jaren 1960–1985 in de Gelderse Vallei zijn het meest risicovolle element, met name tijdens warme zomers wanneer de bodemtemperatuur de doorlaatcapaciteit beperkt.
Wat is de relatie tussen de oranje TenneT-status voor Amersfoort-Noord en het risico op een nieuwe stroomstoring in Veenendaal en Ede?
De TenneT-capaciteitskaart staat deze week op oranje voor Utrecht-Lage Weide en Amersfoort-Noord. Oranje betekent ‘beperkte restcapaciteit’: bij piekbelasting — denk aan warme zomerdagen met gecombineerd airco-gebruik en laadpalen — is het net kwetsbaar voor overbelasting. Het 150kV-traject dat Amersfoort-Noord verbindt met de Gelderse Vallei richting Ede en Veenendaal loopt via het koppelpunt bij Veenendaal zelf. Dat traject ligt daarmee eerder dicht bij de capaciteitsgrens dan netbeheerders publiek toegeven.
Er is een aantoonbaar verband: als het 150kV-net op hoge bezetting draait en er dan één component uitvalt, heeft het Stedin- of Liander-onderstation minder omschakelruimte. Dat vergroot de kans op een cascade-storing aanzienlijk. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Netbeheer Nederland hebben dit mechanisme beschreven in hun congestierapporten.
Voor zover publiek bekend is er momenteel geen formele aansluitstop of congestiemeldingszone ingesteld voor het Veenendaal–Ede-traject, vergelijkbaar met de situatie in Eemnes waar Stedin een volledige aansluitstop instelde. Technisch wordt zo’n stop onvermijdelijk als het beschikbare transportvermogen volledig belegd is — voor een middelgroot stedelijk traject als Veenendaal-Noord ligt die grens naar schatting bij een extra belasting van 10–25 MW bovenop het huidige piekvermogen. Zakelijke projectontwikkelaars in dit gebied doen er verstandig aan nu al pre-consultatie aan te vragen bij Stedin.
De bredere gevolgen van netcongestie voor bestaande gebruikers in de regio worden uitgebreid besproken in het artikel over netcongestie en de gevolgen voor bestaande gebruikers in Utrecht.
Onze analyse:De oranje TenneT-status voor Amersfoort-Noord gecombineerd met de verouderde PILC-kabelinfrastructuur in de Gelderse Vallei creëert een dubbel risico. Bij een buitentemperatuur boven de 30°C daalt de kabelcapaciteit met 10–20%, terwijl het bovenliggende 150kV-net al op zijn limiet zit. Een enkelvoudige componentfout — zoals een defecte transformator of schakelaar — heeft dan minder omschakelruimte, waardoor een storing die normaal één wijk zou raken, kan uitgroeien tot een incident met het bereik van 18 juli. Dit is geen uitzonderlijk scenario; het is de verwachte uitkomst van een combinatie van infrastructuurleeftijd en netbelasting die nu al zichtbaar is op de capaciteitskaart. Bewoners en bedrijven in dit corridor doen er goed aan de komende zomerweken alert te blijven.
Wanneer heeft u recht op schadevergoeding na een stroomstoring Veenendaal Ede Bennekom 2026?
De wettelijke compensatieregeling (Besluit kwaliteitsaspecten netbeheer) hanteert een drempel van 4 uur aaneengesloten onderbreking voor kleinverbruikers. Pas daarboven ontstaat recht op vergoeding. De bedragen lopen op met de duur en gelden per aansluiting. Controleer de actuele staffel altijd via de ACM of uw netbeheerder, want de exacte bedragen kunnen worden aangepast.
| Storingsduur | Vergoeding per aansluiting | Aanvraag via |
|---|---|---|
| Minder dan 4 uur | Geen recht op vergoeding | — |
| 4–8 uur | ca. €35–€75 | Liander / Stedin |
| 8–12 uur | ca. €75–€120 | Liander / Stedin |
| Meer dan 12 uur | €150–€200+ | Liander / Stedin |
Het aanvraagproces verschilt per netbeheerder. Bewoners in Ede en Bennekom (Liander-klanten) melden via liander.nl/storingsvergoeding; bewoners in Veenendaal (Stedin-klanten) via stedin.net. Beide netbeheerders zijn wettelijk verplicht de vergoeding te betalen, maar de uitkering is niet automatisch — het initiatief ligt bij de bewoner. Bewaar altijd het storingsnummer. Meer over de vergoedingsprocedure leest u in het overzichtsartikel over schadevergoeding bij een stroomstoring via Stedin in Utrecht.
Bij storingen boven de 8 uur loopt de financiële blootstelling voor een netbeheerder al snel op naar tienduizenden euro’s per incident, afhankelijk van het aantal getroffen aansluitingen. Stedin betaalt bij overschrijding van de KCD-norm bovendien een hogere SAIDI-boete richting de ACM, die jaarlijks de systeemkwaliteit toetst op basis van SAIDI- en SAIFI-indicatoren. Bewoners die twijfelen over hun uitvalduur, kunnen die opvragen via Stedin of Liander met het storingsnummer als referentie. Zie ook het artikel over schadevergoeding voor flatbewoners bij Stedin voor aanvullende aanwijzingen.
Volgens Netbeheer Nederland bedraagt de landelijke gemiddelde storingsduur voor het middenspanningsnet minder dan 4 uur per incident, wat betekent dat de meerderheid van de storingen net onder de compensatiedrempel blijft. Voor incidenten met het bereik van 18 juli — meerdere plaatsen tegelijk — is de kans op een langere hersteltijd structureel hoger door de complexere schakeloperaties die nodig zijn.
Samengevat: de 4-uursdrempel bepaalt uw recht op vergoeding; bewoners in Veenendaal dienen apart van bewoners in Ede en Bennekom een aanvraag in bij hun eigen netbeheerder.
Hoe bereiden bewoners in Bennekom en Ede zich voor op een volgende storing?
Voor een storing van 2–6 uur — het meest realistische scenario in dit gebied — zijn de volgende maatregelen zinvol en proportioneel:
- Een kleine UPS (€50–€150) voor router en werkcomputer, zodat u bereikbaar blijft en melding kunt doen.
- Een powerbank voor telefoons — onmisbaar om storingsupdates te volgen via de Liander- of Stedin-app.
- Een koelbox met koelelementen voor medicijnen die gekoeld bewaard moeten worden; bewoners met insuline of andere temperatuurgevoelige medicatie doen er verstandig aan het noodprotocol bij hun apotheek op te vragen.
- Zonnepanelen met thuisbatterij bieden in principe autonomie, maar de meeste systemen vallen bij netuitval ook uit tenzij ze een eilandmodus hebben — controleer dit bij uw installateur.
Een aggregaat of grootschalige noodstroominstallatie is voor een storing van 2–6 uur overdreven en bij gebruik binnenshuis ronduit gevaarlijk. Milieu Centraal biedt een praktische checklist voor stroomuitval die bewoners kunnen bewaren. Het basisadvies: zorg altijd voor minimaal 72 uur voorraad van kritische zaken — dat is proportioneel voor het risiconiveau in dit gebied.
Grootverbruikers op industrieterrein De Batterijen in Veenendaal of de bedrijventerreinen rondom Ede-Centrum hebben via de publieke net geen wettelijk kortere hersteltijdgarantie. Wat zij wél kunnen regelen, is een redundante aansluiting via maatwerk met de netbeheerder: twee onafhankelijke MS-verbindingen die het terrein voeden. De eenmalige kosten liggen op €50.000–€200.000, afhankelijk van de specifieke situatie. Bedrijven met kritische processen worden aangeraden redundantie actief te bespreken met Stedin; de standaard SLA biedt geen voorrang boven kleinverbruikers.
Voor mobiele en tijdelijke stroomoplossingen tijdens een langdurige onderbreking biedt het artikel over mobiele stroomoplossingen bij netcongestie in Utrecht een goed overzicht van wat praktisch inzetbaar is.
Samengevat: een UPS van €50–€150, een powerbank en koelelementen voor medicijnen zijn de meest proportionele voorbereiding op een storing van 2–6 uur in dit gebied.
Conclusie
De stroomstoring in Veenendaal, Ede en Bennekom van 18 juli 2026 was geen toevallig incident. De combinatie van verouderde PILC-kabels uit de jaren 1960–1985, een oranje TenneT-capaciteitsstatus voor Amersfoort-Noord en warme zomerweer met verhoogde netbelasting creëert een kwetsbaar samenspel. Dat twee netbeheerders — Liander en Stedin — gelijktijdig geraakt werden, bevestigt dat de oorzaak op het gedeelde 150kV-TenneT-traject ligt, niet op een lokale kabel.
Het concrete advies: bewoners in Ede en Bennekom melden compensatieverzoeken bij Liander; bewoners in Veenendaal bij Stedin — pas na een uitvalduur van minimaal 4 uur. Sla het storingsnummer altijd op. Bereid u voor op een storing van 2–6 uur met een UPS, powerbank en koelelementen voor medicijnen. Voor bedrijven met kritische processen is een gesprek over redundante aansluiting met Stedin geen luxe, maar een noodzaak.
Voor de bredere context over hersteltijden en de factoren die daar invloed op hebben, leest u verder in het artikel over hoe lang een stroomstoring in Utrecht duurt. De structurele achtergrond van piekbelasting en de maatregelen die Stedin treft, vindt u in het artikel over Stedin piekbelasting en oplossingen in Utrecht 2026. En voor het bredere provinciale patroon van storingen in Zeist en Veenendaal, zie het artikel over stroomstoringen in de Utrecht-provincie: Zeist en Veenendaal.
Veelgestelde vragen
Wat was de oorzaak van de stroomstoring in Veenendaal, Ede en Bennekom op 18 juli 2026?
De gelijktijdige uitval van drie plaatsen wijst op een fout op het gedeelde 150kV-TenneT-hoogspanningsnet, vermoedelijk bij het koppelstation in de Gelderse Vallei. Een gewone middenspanningskabel raakt typisch één wijk; drie plaatsen tegelijk duiden op een hogere netlaag. De storing werd diezelfde dag opgelost, maar de exacte component is niet publiek bevestigd door Liander of Stedin.
Heb ik recht op schadevergoeding als de storing korter dan 4 uur duurde?
Nee: de wettelijke drempel voor compensatie is 4 uur aaneengesloten onderbreking. Duurt de storing korter, dan bestaat er geen wettelijk recht op vergoeding. Bewoners die twijfelen over de exacte duur van hun uitval, kunnen dit opvragen bij hun netbeheerder via het storingsnummer.
Vallen Ede en Veenendaal onder dezelfde netbeheerder?
Nee: Ede en Bennekom vallen onder Liander; Veenendaal valt onder Stedin. Bij een storing die beide gebieden treft, communiceert elke netbeheerder naar zijn eigen klanten. Bewoners dienen compensatie ook bij hun eigen netbeheerder aan te vragen — respectievelijk via liander.nl en stedin.net.
Wat betekent de oranje TenneT-status voor Amersfoort-Noord voor mijn risico op een stroomstoring?
Oranje betekent ‘beperkte restcapaciteit’: bij piekbelasting op warme zomerdagen heeft het net minder omschakelruimte als een component uitvalt, wat de kans op een cascade-storing vergroot. Het 150kV-traject richting Ede en Veenendaal loopt via het koppelpunt bij Veenendaal en ligt geografisch dicht bij dit knelpunt. Er is momenteel geen aansluitstop voor dit traject, maar het risico is reëel.
Zijn er meer storingen te verwachten in Veenendaal en Ede door verouderde kabels?
Dat risico bestaat: Liander heeft in de Gelderse Vallei nog aanzienlijke lengtes PILC-kabel liggen uit de periode 1960–1985, die hun ontwerplevensduur van 40–50 jaar hebben overschreden. Een eerste storing vergroot de mechanische belasting op aangrenzende kabels, wat herhaalstoringen in de hand werkt. Bewoners die een herhaalpatroon ervaren, kunnen een klacht indienen bij de ACM als hun netbeheerder niet adequaat reageert.
Heeft een bedrijf op industrieterrein De Batterijen in Veenendaal voorrang bij herstel?
Nee: de Elektriciteitswet maakt geen onderscheid tussen kleinverbruikers en grootverbruikers op het publieke net; er is geen wettelijk kortere hersteltijdgarantie voor bedrijven. Bedrijven met kritische processen kunnen via maatwerk met Stedin een redundante aansluiting regelen voor €50.000–€200.000 eenmalig, waarmee zij bij een enkelvoudige netfout wél continuïteit hebben.
Redactie
GeverifieerdOnafhankelijk redactieteam
2 jaar ervaring · sinds 2024 bij ons